Op zoek naar de runner’s high

Op zoek naar de runner’s high

De katten waren afgelopen maandag niet ziek. Helaas. En als je iets wilt, dan moet je er iets voor doen. Vandaar dat ik om 18:35 uur al klaar stond voor de training om 19:00 uur bij atletiekvereniging PAC. Iets te “enthousiast” en te vroeg. Er was nog niemand behalve een volslanke mevrouw die trots vertelde dat ze voor haar eerste triatlon clinic kwam vanuit Zwolle (nee, ze werkte in de buurt van Haarlem, logisch). Kijk, dat is pas ergens voor gaan.

Ieder mens heeft valkuilen en één van mijn grootste valkuilen is dat ik nieuwe dingen niet durf. Ja, als ik het idee bedacht heb dan vind ik het nog geweldig. Maar het moment dat ik het moet gaan uitvoeren: andere koek. Dus vandaar dat vriendlief mee mocht (moest) om valkuil 1 (niet gaan) te ontwijken. Misschien vinden mensen dat raar/stom/eng maar hulp vragen kan de oplossing voor veel problemen zijn.

Na het warmlopen (ik vond het toen al welletjes) kreeg vriendlief al complimenten over zijn goede looptechniek en houding. In mijn oren klinkt dat als: “Geranne, die geweldige looptechniek en houding heb jij dus NIET en zal je ook NOOIT krijgen.” Maar laten we bij de feiten blijven: dat zei de beste man niet, ik weet het.
Wat ik nu bijna vergeet te vertellen is belangrijk: we moesten “even” 800 meter warmlopen. Dat zijn dus 2 rondjes op die hardloopbaan. Dit zal misschien horen bij je algemene kennis, maar ik wist dat dus niet. En ik vond het fucking ver.
Toen stond er nog 55 minuten training op het programma. Daar kwam mijn voorliefde voor hardlopen weer om de hoek kijken: “waarom doe ik dit?” en “ik had ook op een terrasje kunnen zitten” of “ik had dit nooit moeten doen.”
Het voordeel van een coach en 15 collega hardlopers is dat je deze ideeën wegduwt en denkt: “effe doorzetten”. Dit mantra heb ik ongeveer 10x moeten gebruiken tijdens het volgende (super toffe) onderdeel. Lees: 1000 meter rennen, 300 meter sprint, rustig joggen, 300 meter sprint, rustig joggen en als toetje 300 meter sprint. Geloof me, voor deze haatdragende hardloper is dat veel én zwaar.
Maar dan komt ook de omslag erna: ik was blij, het zat erop! Ik kon dit! Ik kan misschien toch hardlopen! Zie je nou dat ik mijzelf onderschatte! Dit is echt leuk!
Zoals je merkt: veel uitspraken in mijn hoofd met uitroeptekens erachter.

En toen…
“Deze serie doen we nóg een keer!”

Toen kwam de klap: ik moest dit nogmaals gaan doen. Nog een keer hetzelfde riedeltje. Met de Rotterdamse woorden van de coach achter mij aan galmend: “in september houw je van muh, maar vanavond haat je muh” begon ik maar weer te rennen.

Hij had gelijk over dat haten.

Status update
Runner’s high: onvindbaar

BloggerGeranne

Promovendus in het Erasmus MC en cognitief gedragstherapeut in haar eigen praktijk. Is fervent reiziger en trok onlangs nog door Iran en India. Heeft sinds de Rotterdam Marathon ontdekt hoe tof hardlopen kan zijn. Ploegt daarnaast met onregelmatige regelmaat door de modder tijdens obstacle runs. Drinkt wijn, bier en liters thee, schijnt vega te zijn, maar eet wel vis.